PASSO DA QUI
NL.png metanalyseren

INDICATIVE ACTIVE

Infinitive

  • metanalyseren

O.t.t. (Present)

  • metanalyseerde
  • metanalyseerde
  • metanalyseerde
  • metanalyseerde
  • metanalyseerden
  • metanalyseerden
  • metanalyseerden
 

O.v.t. (Past)

  • zal metanalyseren
  • zult metanalyseren
  • zal metanalyseren
  • zult metanalyseren
  • zult metanalyseren
  • zullen metanalyseren
  • zullen metanalyseren

O.t.t.t. (Future)

  • had gemetanalyseerd
  • had gemetanalyseerd
  • had gemetanalyseerd
  • had gemetanalyseerd
  • hadden gemetanalyseerd
  • hadden gemetanalyseerd
  • hadden gemetanalyseerd
 

O.v.t.t. (Condicional)

  • heb gemetanalyseerd
  • hebt gemetanalyseerd
  • heeft gemetanalyseerd
  • hebt gemetanalyseerd
  • hebben gemetanalyseerd
  • hebben gemetanalyseerd
  • hebben gemetanalyseerd

V.t.t.t. (Future Perfect)

  • zal gemetanalyseerd hebben
  • zult gemetanalyseerd hebben
  • zal gemetanalyseerd hebben
  • zult gemetanalyseerd hebben
  • zult gemetanalyseerd hebben
  • zullen gemetanalyseerd hebben
  • zullen gemetanalyseerd hebben
 

v.v.t.t. (Conditional Perfect)

  • zou gemetanalyseerd hebben
  • zou gemetanalyseerd hebben
  • zou gemetanalyseerd hebben
  • zou gemetanalyseerd hebben
  • zouden gemetanalyseerd hebben
  • zouden gemetanalyseerd hebben
  • zouden gemetanalyseerd hebben

LIJDENDE VORM (SYNOPSIS)

O.t.t. (Present)

  • *
  •  

O.v.t. (Past)

  • *
  •  
 

O.t.t.t. (Future)

  • *
  •  

O.v.t.t. (Condicional)

  • *
  •  
 

V.t.t. (Present Perfect)

  • *
  •  

V.v.t. (Past Perfect)

  • *
  •  
 

V.t.t.t. (Future Perfect)

  • *
  •  

v.v.t.t. (Conditional Perfect)

  • *
  •