PASSO DA QUI
NL.png mesmeriseren

INDICATIVE ACTIVE

Infinitive

  • mesmeriseren

O.t.t. (Present)

  • mesmeriseerde
  • mesmeriseerde
  • mesmeriseerde
  • mesmeriseerde
  • mesmeriseerden
  • mesmeriseerden
  • mesmeriseerden
 

O.v.t. (Past)

  • zal mesmeriseren
  • zult mesmeriseren
  • zal mesmeriseren
  • zult mesmeriseren
  • zult mesmeriseren
  • zullen mesmeriseren
  • zullen mesmeriseren

O.t.t.t. (Future)

  • had gemesmeriseerd
  • had gemesmeriseerd
  • had gemesmeriseerd
  • had gemesmeriseerd
  • hadden gemesmeriseerd
  • hadden gemesmeriseerd
  • hadden gemesmeriseerd
 

O.v.t.t. (Condicional)

  • heb gemesmeriseerd
  • hebt gemesmeriseerd
  • heeft gemesmeriseerd
  • hebt gemesmeriseerd
  • hebben gemesmeriseerd
  • hebben gemesmeriseerd
  • hebben gemesmeriseerd

V.t.t.t. (Future Perfect)

  • zal gemesmeriseerd hebben
  • zult gemesmeriseerd hebben
  • zal gemesmeriseerd hebben
  • zult gemesmeriseerd hebben
  • zult gemesmeriseerd hebben
  • zullen gemesmeriseerd hebben
  • zullen gemesmeriseerd hebben
 

v.v.t.t. (Conditional Perfect)

  • zou gemesmeriseerd hebben
  • zou gemesmeriseerd hebben
  • zou gemesmeriseerd hebben
  • zou gemesmeriseerd hebben
  • zouden gemesmeriseerd hebben
  • zouden gemesmeriseerd hebben
  • zouden gemesmeriseerd hebben

LIJDENDE VORM (SYNOPSIS)

O.t.t. (Present)

  • worden gemesmeriseerd
  •  

O.v.t. (Past)

  • worden gemesmeriseerd
  •  
 

O.t.t.t. (Future)

  • zullen gemesmeriseerd worden
  •  

O.v.t.t. (Condicional)

  • zouden gemesmeriseerd worden
  •  
 

V.t.t. (Present Perfect)

  • zijn gemesmeriseerd
  •  

V.v.t. (Past Perfect)

  • was gemesmeriseerd
  •  
 

V.t.t.t. (Future Perfect)

  • zullen gemesmeriseerd zijn
  •  

v.v.t.t. (Conditional Perfect)

  • zouden gemesmeriseerd zijn
  •