PASSO DA QUI
NL.png demonetiseren

INDICATIVE ACTIVE

Infinitive

  • demonetiseren

O.t.t. (Present)

  • demonetiseerde
  • demonetiseerde
  • demonetiseerde
  • demonetiseerde
  • demonetiseerden
  • demonetiseerden
  • demonetiseerden
 

O.v.t. (Past)

  • zal demonetiseren
  • zult demonetiseren
  • zal demonetiseren
  • zult demonetiseren
  • zult demonetiseren
  • zullen demonetiseren
  • zullen demonetiseren

O.t.t.t. (Future)

  • had gedemonetiseerd
  • had gedemonetiseerd
  • had gedemonetiseerd
  • had gedemonetiseerd
  • hadden gedemonetiseerd
  • hadden gedemonetiseerd
  • hadden gedemonetiseerd
 

O.v.t.t. (Condicional)

  • heb gedemonetiseerd
  • hebt gedemonetiseerd
  • heeft gedemonetiseerd
  • hebt gedemonetiseerd
  • hebben gedemonetiseerd
  • hebben gedemonetiseerd
  • hebben gedemonetiseerd

V.t.t.t. (Future Perfect)

  • zal gedemonetiseerd hebben
  • zult gedemonetiseerd hebben
  • zal gedemonetiseerd hebben
  • zult gedemonetiseerd hebben
  • zult gedemonetiseerd hebben
  • zullen gedemonetiseerd hebben
  • zullen gedemonetiseerd hebben
 

v.v.t.t. (Conditional Perfect)

  • zou gedemonetiseerd hebben
  • zou gedemonetiseerd hebben
  • zou gedemonetiseerd hebben
  • zou gedemonetiseerd hebben
  • zouden gedemonetiseerd hebben
  • zouden gedemonetiseerd hebben
  • zouden gedemonetiseerd hebben

LIJDENDE VORM (SYNOPSIS)

O.t.t. (Present)

  • worden gedemonetiseerd
  •  

O.v.t. (Past)

  • worden gedemonetiseerd
  •  
 

O.t.t.t. (Future)

  • zullen gedemonetiseerd worden
  •  

O.v.t.t. (Condicional)

  • zouden gedemonetiseerd worden
  •  
 

V.t.t. (Present Perfect)

  • zijn gedemonetiseerd
  •  

V.v.t. (Past Perfect)

  • was gedemonetiseerd
  •  
 

V.t.t.t. (Future Perfect)

  • zullen gedemonetiseerd zijn
  •  

v.v.t.t. (Conditional Perfect)

  • zouden gedemonetiseerd zijn
  •